Corsica Informatie
Geografie Historie Bevolking Cultuur Klimaat Natuur
Wereldbol Index Corsica
Wereldbol Kaart Corsica
Wereldbol Reisverslag Corsica
Wereldbol Fotoalbum Corsica
Wereldbol Links
Corsica is een prachtig eiland met een lange culturele geschiedenis en een schitterende natuur. De hier door mij gegeven informatie moet je zien als algemene informatie over Corsica. Deze kun je gebruiken als achtergrond informatie mocht je Corsica (ooit) gaan bezoeken.

Geografie:

Corsica (Frans: Corse) is een eiland in de Middellandse Zee met als hoofdstad Ajaccio. Corsicanen (en veel bezoekers) noemen hun eiland lle de BeautéSatelietfoto van Corsica. (Eiland van de Schoonheid) en daar sluit ik mij helemaal bij aan. Corsica behoort tot Frankrijk maar heeft een soort van status apart omdat het een grote mate van zelfstandigheid bezit. Het eiland is onderverdeeld in twee departementen: Haute-Corse met de hoofdstad Bastia en Corse-Du-Sud met als hoofdstad Ajaccio. Het ligt ongeveer 170 kilometer ten zuiden van het Franse vasteland en 80 kilometer vanaf de Italiaanse kust (voor Toscane) en 12 kilometer ten noorden van Sardinië. De oppervlakte is 8680 km² wat vergelijkbaar is met iets minder als een kwart van Nederland. Van noord naar zuid bedraagt de maximale afstand 183 kilometer en de maximale breedte van oost naar west is 84 kilometer. Corsica heeft ongeveer 250.000 inwoners waarvan er ruim honderdduizend wonen in Bastia en de hoofdstad van het eiland Ajaccio. Door dit geringe bevolkingsaantal is Corsica erg dunbevolkt. Het eiland is bijzonder bergachtig met als hoogste toppen de Monte Cinto (2710 mtr) en de Monte Rotondo (2622 mtr) welke worden afgewisseld met diepte dalen. Karakteristiek is de begroeiing met maquis: ruig, kruidachtig struikgewas. Langs de kustlijn vind je een grote verscheidenheid van kusten van intieme zandstrandjes tot onherbergzame rotskusten. Het is na Sicilië, Sardinië en Cyprus in grote het vierde eiland van het Middellandse Zeegebied. Ondanks dat het een eiland is het erg goed bereikbaar doordat er meerdere keren per dag een veerdienst wordt onderhouden vanaf diverse havens in Frankrijk en Italië.

Historie:

Naar boven

Zo'n 8500 jaar geleden woonden er al mensen op Corsica. Een bewijs hiervoor is de vondst van "de dame van Bonifacio". Dit skelet wordt in 1975 gevonden en gedateerd op 6570 v. Chr. Deze grotbewoners leefden van de visserij en de jacht en waren waarschijnlijk van het Italiaanse vaste land of Sardinië afkomstig. In de daarop volgende tijden leerden de Corsicanen granen verbouwen en wordt het houden van vee (schapen en geiten) gebruikelijk. Ook wordtDe pre-historische site Filitosa. begon met met het vervaardigen en gebruiken van stenen wapens en gebruiksvoorwerpen. Tijdens de Bronstijd (2000-500 v.Chr.) bevolkten stammen die in constante oorlog met elkaar leefden het eiland. De sterkste stammen hadden de meeste macht en middelen en konden daardoor hun dorpen ombouwen tot versterkte plaatsten (zoals Filitosa). Kenmerkend voor deze periode zijn de zogenaamde "alignements", rijen tot menselijke figuren opgestapelde grote stenen of menhirs. Menhirs werden ook bij graven geplaatst als eerbetoon aan de gestorvene. De cultuur van de stammen op Corsica hadden veel gemeen met die op Sardinië en de Balearen. Op alle drie de eilanden zijn nuraghe's (torens uit de bronstijd) teruggevonden waaruit blijkt dat er contact was tussen de eilanden. Een van de (vele) overheersers, waarschijnlijk de eerste, waren de Torreanen. Met hun bronzen dolken en zwaarden, in tegenstelling tot de stenen wapens van de Corsicanen, verdreven ze de Corsicanen naar het noorden. Vanaf 600 v. Chr. komt de naam Corsica voor, o.a. bij de Feniciërs die een ruilhandel met de Corsicanen onderhielden.
Rond 565 v.Chr. stichtten kolonisten uit Phokaia (Griekenland) een kolonie op het eiland: Alalia (het huidige Aleria) en namen bezit van de naburige gronden. De strategisch geplaatste haven lag op de vaarroute tussen Sicilië en het zuiden van Frankrijk, beiden belangrijke kolonies van de Grieken. Lang hield de Grieken het hier echter niet uit. In 539 of 540 v.Chr. versloegen de Etrusken en de Carthagers tezamen de Grieken voor de kust van Corsica en bezetten Alalia wat hier door een deel van Etrurië werd.Nadat de Etrusken in conflict kwamen met Romeinen konden ze hun kolonie op Corsica niet behouden en het eiland werd terug onafhankelijk (niet als één land, maar de stammen stonden niet langer onder buitenlandse overheersing). De Carthagers namen de kolonie over in de 4de eeuw v.Chr. en noemden het eiland naar zijn oud-Griekse naam: Kyrnos (Grieks: bosrijk). In 278 v.Chr. nam Carthago ook bezit van de rest van het eiland. Ondanks deze bezetting bleven de Grieken de handel in o.a. hout, honing en hars van en naar het eiland domineren.
Rome was de heersende macht in die periode en doordat Carthago en Rome met elkaar slaags raakten kreeg de romeinse veldheer Scipio de opdracht de Carthagen uit Alalia te verjagen en de stad te vernietigen. Nadat dit was gebeurd werd Corsica vanaf 221 v.Chr. een provincie van het Romeinse Rijk. Onder het Romeinse juk waren de Corsicanen genoodzaakt zich al die tijd in het binnenland terug te trekken. Daarbij lukt het hen wel om enkele steden in het binnenland te bouwen. De Romeinen regeerde bijna 700 jaar over Corsica. Vanaf het begin van de 5e eeuw n.Chr.  was het echter gedaan met de relative rust. In de periode tot ongeveer begin 10e eeuw waren er wisselende (meer of minder bloedige) overheersingen waaronder die van de Vandalen, Byzantijnen, Goten, Longobarden, Grieken, Moren(moslims) en Franken.
In 1077 n.Chr. kreeg paus Gregorius VII van de Franse koning het recht op Corsica die het weer als leengoed aan de kardinaal van het Italiaanse Pisa gaf. Deze bouwde steden, wegen en bruggen en natuurlijk vele kerken. Langs de kust werden ter beveiliging veel wachttorens gebouwd om vijanden op tijd te kunnen zien. Ondanks dat veroverde de Genuezen in 1217 n.Chr. het strategisch gelegen Bonifacio en stichtten er een Genuese handelskolonie. Een aantal jaren later werd met behulp van de Corsicaanse vrijheidsstrijder Sinucello de Cinarca de Genuezen verslagen maar in 1221 n.Chr. werd het leger van Sinucello weer door de Genuezen verslagen. De Genuezen bleven heersen tot Arrigo della Rocca in 1392 n.Chr. de Genuezen versloeg maar al weer snel werd verslagen door diezelfde Genuezen. Daarna veroverde ze geheel Corsica met uitzondering van de bolwerken Bonifacio en Calvi. Deze geschiedenis herhaalde zich nog enkele malen totdat het verzet van de Corsicanen in 1515 n.Chr. definitief door de Genuezen gebroken werd. In 1553 n.Chr. werd Corsica, op Calvi na, ingenomen door de Fransen maar in 1559 n.Chr. werd Corsica tijdens de vrede van Cateau- Cambrésis Een van de vele nog bewaard gebleven Genuese wachttorenswederom aan de Genuezen toegewezen. De Genuezen bouwden nu nog sterkere en hogere torens (12-17 meter hoog) langs de kust. Enkele daarvan staan nog steeds op o.a. Cap Corse. Aan de relative rust kwam rond 1730 n.Chr. weer een tijd, o.a. door de belastingverhogingen die de Genuezen telkens doorvoerden. Toen er ook nog enkele Corsicaanse soldaten werden onthoofd eiste de bevolking wraak. Een van de voormannen was Giampietro Gaffori. Hij zocht hulp bij de Engelsen en samen lukte het hen om Bastia en Corti te veroveren. Op 10 augustus 1746 n.Chr. riep Gaffori de onafhankelijkheid uit en in 1751 n.Chr. werd er een vredesverdrag getekend met Genua. Gaffori werd uitgeroepen tot gouverneur-generaal van Corsica maar werd in 1753 n.Chr. door de Genuezen vermoord. Pascal Paoli werd in 1755 n.Chr. de nieuwe leider van het Corsicaanse verzet en hij zou uiteindelijk de Vader des Vaderlands worden. Hij was een gestudeerd man met nieuwe ideeën en die hij ook uit voerde. Zo zorgde hij voor democratische hervormingen als stemrecht voor iedereen boven de 25 jaar. Er werd verder een algemene vergadering uitgeroepen, hij verbood de "vendetta" (de bloedwraak), stichtte volksscholen en in 1765 n.Chr. zelfs de universiteit van Corte en laat een eigen munt (a zecca) maken. Corsica krijgt zijn eigen vlag en zijn eigen hymne: Dio Vi Salvi Regina. Ook vond hij het noodzakelijk om een eigen vloot te hebben.
Als Genua zijn schulden aan Frankrijk niet kan inlossen geeft Genua het eiland voor 200.000 pond in pand (verdrag van Versailles in 1768 n.Chr.) aan Frankrijk. In 1769 n.Chr. (het geboortejaar van Napoleon Bonaparte) neemt Frankrijk de havens en de vestingen van het eiland onder controle. Het verzet was woedend over deze koehandel en het was Carlo Bonaparte, de vader van Napoleon Bonaparte, die Frankrijk de oorlog verklaarde. Eerst worden de Franse legers verslagen door de legers van Paoli (slagveld van Borgo, 6 oktober 1768 n.Chr.). Maar op 8 mei 1769 n.Chr. werd het Corsicaanse leger in de pan gehakt door het leger van Lodewijk XV. Op 12 juni 1769 n.Chr. werd Corsica tot Frans grondgebied verklaard. Aangespoord door de Franse Revolutie reisde Paoli naar Parijs om de vrijheid van Corsica te bepleiten. Deze missie lukte, alleen het Corsicaanse volk was sterk verdeeld en een burgeroorlog dreigde. Paoli riep onmiddellijk de onafhankelijkheid van Corsica uit maar vroeg de Engelsen weer om hulp. Met vereende krachten werd de rust weer hersteld en de oude grondwet werd weer aangenomen, hoewel de eigenlijke macht in handen was van de Engelse koning George III. Deze George III benoemde Gilbert Elliott tot onderkoning van Corsica maar de Engelsen trokken zich al na een jaar terug uit Corsica.
Ondertussen vocht ene Napoleon Bonaparte mee in het Corsicaanse leger. Na een mislukte poging om de citadel van Ajaccio op de Engelsen te veroveren vluchtte hij naar het vasteland waardoor hij door de meeste Corsicanen als een landverrader beschouwd werd. In Frankrijk aangekomen maakte hij al snel furore in het leger en dat leidde uiteindelijk tot het keizerschap. Tijdens zijn veldtocht in Italië maakte hij in 1799 n.Chr. een einde aan de Engelse overheersing van Corsica en bezette het eiland. In 1811 n.Chr. benoemde hij Corsica tot één departement van Frankrijk met zijn geboorteplaats Ajaccio als hoofdstad. Het eiland verfranste snel nadat de Franse taal werd ingevoerd en hierdoor het Corsicaans naar de achtergrond verdween. Verder laat Frankrijk Corsica volkomen links liggen. Dit veranderde pas tijdens het bewind van Napoleon III, zo ongeveer halverwege de 19e eeuw. Hij stichtte ziekenhuizen, legde wegen en spoorwegen aan en veel Corsicanen werden in openbare functies benoemd.
Desondanks trokken veel Corsicanen naar het Franse vasteland op zoek naar werk en de groep Corsicanen die zich wilde afscheiden van Frankrijk werd steeds kleiner. Het was dan ook niet verwonderlijk dat veel Corsicanen zij aan zij met de Fransen meevochten in de Eerste Wereldoorlog. Er zouden uiteindelijk meer dan 40.000 Corsicanen sneuvelen op de slagvelden. Ook de Tweede Wereldoorlog liet Corsica niet onberoerd. De Italiaanse leider Benito Mussolini vond dat Corsica bij Italië hoorde. De Corsicanen dachten hier uiteraard heel anders over maar de Duitsgezinde Vichy-regering ging op 11 november overstag en stond Corsica af aan de Italianen. Dezelfde dag nog werd Corsica bezet door de Italianen, wat later gevolgd door de Duitsers. Hier en daar laaide het verzet op tegen de bezetters die antwoordden met liquidaties, intimidaties, plunderingen en de oprichting van een concentratiekamp. Dit leidde tot de oprichting van een georganiseerde verzetsbeweging (maquisards) die vanuit de maquis het de Italianen en de Duitsers steeds moeilijker maakten. Ze werden daarbij geholpen door de geallieerden die veel wapens en munitie aan land smokkelden. Ondanks hevig verzet van de Duitsers werden zij op 4 oktober 1943 in de Golo-vallei verslagen. De Italianen hadden zich al enkele maanden eerder overgegeven zodat voor Corsica de oorlog al vrij snel voorbij was.
Na jaren van herstelwerkzaamheden aan huizen en de infrastructuur werd vanaf 1955 door de Franse regering besloten tot modernisering en uitbreiding van de landbouw. Ondanks deze maatregelen trokken er nog steeds veel Corsicanen naar het Franse vasteland om werk te zoeken. In 1959 werd het Action Régionaliste Corse (ARC) opgericht met als doel de traditie en cultuur van Corsica te behouden. Ook streefde men naar zelfbestuur. In 1975 wordt het Front de Libération Nationale de Corse (FLNC) opgericht, het Corsicaanse bevrijdingsfront. De oude hoofdstad Corte Vanaf de jaren zestig stortte Corsica zich op het toerisme en er werden vele hotels en vakantieoorden gebouwd. In 1975 werd Corsica in twee departementen onderverdeeld. Bastia werd de hoofdstad van het departement Haut-Corse en Ajaccio van het departement Corse du Sud. In 1981 werd de Universiteit van Corte opnieuw opgericht. In 1982 kreeg Corsica een eigen parlement met 61 zetels dat beslissingen mag nemen op het gebied van cultuur, onderwijs en milieu. Een kleine minderheid streeft echter nog steeds naar autonomie en maakt dat regelmatig duidelijk via o.a. bomaanslagen. Het "hoogtepunt" van de bomaanslagen lag in de jaren zeventig en tachtig van de 20e eeuw. 111 aanslagen in 1973, 463 in 1980 en talloze meer sinds die tijd.
Begin jaren negentig valt het FLNC uit elkaar door o.a. persoonlijke conflicten en economische en politieke belangenverstrengelingen. In 1996 ontploft er een bom in het centrum van Bastia met als gevolg twaalf gewonden en een dode. Het is gelukkig een van de weinige aanslagen waar slachtoffers vallen. In februari 1998 werd Corsica nogmaals opgeschrikt door de moordaanslag op prefect Érignac. Het zogenaamde proces van Matignon heeft in de zomer van 2001 geresulteerd in een akkoord tussen de Franse regering en alle Corsicaanse partijen. Het akkoord voorziet in een overgangsperiode van vier jaar. Waarna Corsica een verregaande autonomie met wetgevende bevoegdheden heeft gekregen. De roep om meer autonomie is hierdoor grotendeels verstomd mede door het feit dat de meeste Corsicanen zich er wel van bewust zijn dat een nog onafhankelijkere status funest zou zijn voor de economie omdat Corsica altijd zeer afhankelijk is geweest van de samenwerking met Frankrijk.

Bevolking:

Naar boven

Corsica hoort weliswaar bij Frankrijk maar je zou het ook een “eigen landje” kunnen noemen want de bewoners zijn trots op “hun” eiland en voelen zich helemaal geen Fransen. Sterker nog over het algemeen zien ze de Fransen absoluut niet als vrienden. Dat heeft zijn oorsprong in 1769 n.Chr. het jaar waarin Corsica door Genua aan de Fransen werd verkocht terwijl Corsica daarvoor een zwaarbevochten zelfstandigheid had bevochten. Vanaf dat moment is het nooit meer goed gekomen tussen de Corsicaan en de Fransman. Frans is op Corsica de belangrijkste taal, hoewel met een duidelijk accent, maar er wordt nog steeds Corsicaans (Corsu) gesproken en dan vooral in het binnenland. Vooral de “echte”, vaak wat oudere, Corsicanen spreken onderling Corsicaans. Door de langdurige Italiaanse overheersing (Genua en Pisa) sprak men in die tijd op Corsica pré-Latijn en daarna nieuw-Latijn. Dat vormde de basis van het huidige Corsicaans. Het is een sterk door het Frans beïnvloed Toscaans (dus: Italiaans) dialect dat als aparte regionale taal erkend wordt door de Franse overheid. Hoewel het aantal mensen dat Corsicaans spreekt minder wordt, schat men dat nog steeds ca. 65% van de bevolking de taal nog machtig is. Sinds 1974 heeft het de status van regionale taal en wordt zelfs onderwezen aan de universiteit van Corte. Verder wordt het levend gehouden door muziekgroepen als I Muvrini, die ook buiten Frankrijk faam hebben verworven.
De bevolking van Corsica telt op dit moment ongeveer 270.000 inwoners. De op het eiland woonachtige bevolking is geconcentreerd in de belangrijkste steden (Ajaccio, Bastia, Bonifacio, Calvi), enkele kleinere centra en de zones van Aléria, Marana en Balagne. Alleen in de steden Ajaccio en Bastia leven al zo’n 100.000 mensen. Door emigratie en de vele slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog is dit aantal relatief klein t.o.v. het verleden. In 1886 woonden er ongeveer 276.000 mensen maar in 1955 was dat nog maar 170.000. Een studie in 1990 wees uit dat 60% van de bevolking geboren was op het eiland. Er wonen nu ca. 22.000 buitenlanders op Corsica en dat is ca. 8% van de totale bevolking. Daaronder ca. 12.000 Marokkanen, 3.000 Italianen, 3.000 Portugezen en 2.000 Tunesiërs en andere groepen uit Noord-Afrika, de zogenaamde “pied noirs”. Vooral door de trek naar het Franse vasteland wonen er op dit moment meer Corsicanen in het buitenland dan op Corsica. Men schat dat tussen de 700.000 en 800.000 Corsicanen in de loop der tijden geëmigreerd zijn, waarvan ca. 500.000 naar het Franse vasteland. De laatste jaren zien we een kleine toename van het aantal Fransen van het vasteland, door de Corsicanen “pinzutti” genoemd, die naar Corsica komen. Gemiddeld wonen er per km² ca. 28 mensen op Corsica. Het overgrote deel van de Corsicanen zijn erg gelovig en belijden vrijwel allemaal het rooms-katholieke geloof. Jaarlijks vinden er tal van processies plaats, zoals in de week voor Pasen, op de dag van Sint-Erasmus en op Maria-Hemelvaart.

Cultuur:

Naar boven

Duizenden jaren cultureel erfgoed heeft zijn sporen op Corsica duidelijk nagelaten. Corsica beschikt over een heleboel dorpjes die elk op hun eigen manier het erfgoed van het eiland illustreren. Zo vindt u er prehistorische megalieten, dorpen met versterkte huizen, torens en Romaanse kerken. Het eiland is rijk aan monumenten, maar ook aan levende tradities, cultuur en kunstnijverheid. Het hele jaar door worden er evenementen en feesten georganiseerd. Hierbij speelt de regionale gastronomie vaak een grote rol. Corsica is rijk aan gastronomische tradities en heeft een eerlijke, overvloedige keuken. Een aantal Een winkel met lokale producten van Corsicavoorbeelden hiervan zijn de prisuttu; heerlijke magere ham van half verwilderde varkens die zich voeden met eikels en kastanjes; figatelli, worstjes van pure lever; coppa gemaakt van varkensrug en ook de geiten- en schapenkazen als brocciu mogen er zijn. Wildzwijnragout is een gangbaar gerecht en wordt geserveerd met de traditionele polenta van kastanjemeel. Aan zee is het natuurlijk vis en schaaldieren die domineren in bijvoorbeeld aziminu de Corsicaanse variant van de bouillabaisse. De lokale markten in de dorpen en steden illustreren misschien nog wel het best de typisch Corsicaanse manier van leven. Al sinds de Klassieke Oudheid wordt op Corsica wijn verbouwd en in de Corsicaanse keuken worden steevast streekproducten gebruikt. Eeuwenlang was de vendetta (bloedwraak) veel voorkomend en een vast onderdeel van het dagelijkse leven. De vendetta heeft op Corsica zo'n 33.000 mensenlevens geëist. Het was altijd een vrouw die tot de vendetta aanzette. Wanneer de dode lag opgebaard viel zij jammerend op de grond en scheurde zich de kleren van het lijf. Nadat de moordenaar was vervloekt, werd er wraak gezworen. Zo'n vendetta kon generatie op generatie doorgaan. En als er geen mannen meer waren om de eer van de familie te verdedigen dan waren de vrouwen aan de beurt. In 1920 werd de vendetta door de Franse regering bij wet verboden. Het uitbannen van de vendetta leidde tot het banditisme. Wraakzuchtige types trokken voor maanden de maquis in om als de tijd daartoe rijp was het wrekende schot te kunnen lossen. Het banditisme is nu verdwenen.

Klimaat:

Naar boven

Corsica kent een Middellandse Zeeklimaat met hete warme, droge zomers en zachte, natte winters. De gemiddelde juli temperatuur bedraagt 19°C terwijl de gemiddelde temperatuur in januari 12°C bedraagt. De zeetemperatuur ligt in de van juni tot september soms boven de 25°C. Corsica heeft gemiddeld 2700 uren zon per jaar. Tussen juni en september ligt de gemiddelde dagtemperatuur boven de 25°C. In juli en augustus kan de temperatuur oplopen tot boven de 35°C. Ajaccio aan de westkust heeft gemiddeld 12 dagen per jaar temperaturen boven de 30°C maar Corte in Centraal-Corsica en gelegen tussen de bergen heeft gemiddeld 32 dagen temperaturen boven de 30°C. Oktober tot en met december zijn de natste maanden met soms hevige stormen. In het oosten valt meer neerslag dan in het westen maar in juli valt er praktisch nergens regen. De jaarlijkse neerslag is zo'n 600 mm langs de kust tot 1200 of meer in het binnenland. In de bergen komen strenge winters voor en heerst er boven de 900 meter een alpine klimaat en is veel frisser en hoe hoger je komt hoe kouder het wordt. Sneeuw is te vinden boven de 1600 meter van oktober tot juni en sommige bergtoppen zijn het hele jaar door met sneeuw bedekt. In het binnenland zijn jaarlijks 90 sneeuwdagen. Corte heeft ongeveer dertig vriesdagen per jaar, Ajaccio ongeveer elf en Bastia in het noordwesten maar ongeveer drie. Opmerkelijk is dat het klimaat in het noorden iets warmer is dan in het zuiden.

Natuur:

Naar boven

Corsica is het groenste eiland van de Middellandse Zee. De Corsicaanse natuur, met meer dan 2800 verschillende planten- en bomensoorten, biedt een overvloed aan kleuren en geuren. Het Regionale Natuurpark bedekt een derde van het eiland. Overal zijn wandelpaden die u naar het Corsica heeft een schitterende natuur.hart van het authentieke Corsica voeren. Het is erg bergachtig en er zijn meer dan honderd toppen hoger dan 2000 meter. Door de hoogteverschillen en de daaruit voortvloeiende verschillen in temperatuur is de natuurlijke pracht zeer divers. Er zijn ca. 120 soorten en ondersoorten die nergens anders meer voorkomen op de wereld.

De rijke Corsicaanse flora is verdeeld in drie zones. De lagere en hogere mediterrane zone tot een hoogte van ca. 1000 meter is o.a. het rijk van de maquis, de kurkeik, olijfboom en vooral de tamme kastanjeboom. De maquis is een gebied met een gemengde, zeer dichte begroeiing. De lage maquis tot ca. 500 meter is niet zo dicht begroeid, maar de hoge maquis is vrijwel ondoordringbaar met bomen als de steeneik en (doornachtigen) struiken die wel tot zes meter hoog kunnen worden. Verder komen hier o.a. voor aardbeiboom, cistus, hei, mirte en mastiekboom. Meer dan 20% van de oppervlakte van Corsica wordt nog door maquis bedekt. Pijnboombossen liggen tussen de 1000 en 1800 meter. In de alpine zone boven de 1800 meter wordt de vegetatie lager en schaarser met grassen en kleine bergplanten als de els. Citroenen, kiwi’s en avocado’s groeien op de oostelijke laagvlakte. De meest opvallende bomen van Corsica zijn:

  • De Barbarijse vijgenboom: deze komt oorspronkelijk uit Centraal-Amerika en is een lid van de cactusfamilie. Hij lijkt op een cactus met naalden die ca. 20-40 cm lang zijn en begroeid is met gele bloemen en vruchten.
  • De tamme kastanjeboom: deze is zonder twijfel de bekendste boom van Corsica. Geïntroduceerd door de Genuezen, verspreidde de boom zich snel over het eiland De kastanjes worden veel gebruikt in verschillende locale gerechten en er wordt zelfs bier van gebrouwen.
  • De kurkeik: deze kan 15-20 meter hoog worden en elke tien jaar wordt de bast van de boom gehaald en daar worden o.a. kurken van gemaakt. Kurkeiken komen vooral in het zuidelijke deel van het eiland voor.
  • De steeneik: deze tot ca. 15 meter hoog boom komt, door de vele bosbranden, ook vaak als een soort struik voor.
  • De olijfboom: langs de kust groeit de olijfboom die nog steeds gebruikt wordt voor de olijfolie en de agaves.
  • De eucalyptusboom: deze vindt men hoofdzakelijk in de bossen en langs rivieren en wegen.
  • De Laricio of Corsicaanse pijnboom: Deze pijnbomen kunnen tot 50 meter hoog worden en sommige bomen zijn al ruim 800 jaar oud. De meeste bossen op Corsica bestaan voor het grootste deel uit de Laricio.

Voor liefhebbers van bloemen is Corsica een paradijs. Bijzondere soorten zijn de gele brem, het zonneroosje, kuifhyacint en de "Illyrische" lelie, die alleen op Corsica en Sardinië voorkomt. Verder komen op Corsica vele soorten eetbare paddestoelen (o.a. eekhoorntjesbrood, steenzwammen, dooierzwammen) voor maar ook twaalf giftige soorten. Bosbranden zijn in de zomer aan de orde van de dag. Driekwart van alle bosbranden in Frankrijk komen op Corsica voor! Gemiddeld brandt er per jaar ca. 10.000 ha bos af, vaak als de mistral waait.

Ook fauna op Corsica is zeer uitgebreid en er leven honderden soorten dieren waaronder heel veel vogelsoorten. De meeste dieren die men te zien krijgt als men op Corsica is zijn de vaak in de bossen loslopende, gedomesticeerde dieren als varkens, koeien, geiten, schapen en Verwilderde varkens kom je overal in de bossen tegen. ezels. Toch heeft het eiland enkele bijzondere bewoners. De moeflon leeft al achtduizend jaar op Corsica, maar wordt met uitroeiing bedreigd. In de zomer leven de ca. 500 overgebleven exemplaren op grote hoogte in het gebergte en ’s winters komen ze naar beneden om voedsel te zoeken. In de wateren rond Corsica leven ca. 150 vissoorten. Ongeveer 50 soorten worden gevangen en verhandeld: o.a. zeewolf, sardine, zonnevis, schorpioenvis en zeebrasem. Beschermde soorten zijn zwaardvis, bruinvis, tandbaars, moeraal en doornhaai. Beroemd is de Corsicaanse langoest die tot de lekkerste van het Middellandse Zeegebied behoort. Forel en paling leven in de bergbeken en de Corsicaanse zwarte salamander en de Corsicaanse euprocte, een soort watersalamander zonder ruggenwervel en longen aan de oevers van de meren en op de rivieroevers. Er zijn geen gevaarlijke slangen op Corsica maar wel giftige spinnen. Kleine zwarte ratten komen het meest voor op de kleine eilanden rond Corsica. Corsica heeft zeer veel insecten waaronder 40 soorten inheemse waterjuffers en 53 soorten inheemse spinnen.
De Audouin’s zeemeeuw komt op het Europese continent niet meer voor maar nog wel op eilanden als Corsica, Sardinië en de Balearen. De lammergier of “altore” heeft een spanwijdte van ca. drie meter. Een van de zeldzame inheemse vogels is de Corsicaanse boomklever die pas eind 19e eeuw ontdekt werd. In de maquis komen o.a. kneuen, lijsters, paapjes, roodborstjes, merels, Sardische grasmussen, baardgrasmussen en goudhaantjes voor. Hermann’s schildpad is een van de zeldzaamste reptielen van Frankrijk maar nog vrij algemeen op Corsica. Het dier leeft vooral in de maquis en kan 60-80 jaar oud worden. De visarend is een prachtige maar zeldzame roofvogel waarvan ca. 20 paartjes op Corsica broeden. In 1973 waren dat er nog maar drie. De gekuifde aalscholver nestelt graag in kolonies aan de rotsige kust en op de eilandjes rond Corsica. Wilde zwijnen leven voornamelijk in de maquis en in de bossen. Deze alleseters worden vooral in de winter gejaagd. Verder leven er op Corsica dertig vleermuissoorten waaronder de grote bulvleermuis.

Wil je op de hoogte worden gebracht wanneer ik een nieuw reisverslag publiceer klik dan hier.